<?xml version='1.0' encoding='UTF-8'?><?xml-stylesheet href="http://www.blogger.com/styles/atom.css" type="text/css"?><feed xmlns='http://www.w3.org/2005/Atom' xmlns:openSearch='http://a9.com/-/spec/opensearchrss/1.0/' xmlns:georss='http://www.georss.org/georss' xmlns:gd='http://schemas.google.com/g/2005' xmlns:thr='http://purl.org/syndication/thread/1.0'><id>tag:blogger.com,1999:blog-10064574</id><updated>2011-12-19T05:42:19.412-08:00</updated><category term='Gooise geschiedenis en genealogie De Gooijer'/><title type='text'>FAM. DE GOOIJER (Jan - gen. 9)</title><subtitle type='html'></subtitle><link rel='http://schemas.google.com/g/2005#feed' type='application/atom+xml' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/feeds/posts/default'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/10064574/posts/default?max-results=100'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/'/><link rel='hub' href='http://pubsubhubbub.appspot.com/'/><author><name>gooilander</name><uri>http://www.blogger.com/profile/03693045962620150349</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='32' height='24' src='http://2.bp.blogspot.com/-kSUtzIsHTeQ/Tu8_EpUSrvI/AAAAAAAAFRo/0CqaJO0zOIQ/s220/Frans%2Bde%2BGooijer%2Bfoto%2B2.JPG'/></author><generator version='7.00' uri='http://www.blogger.com'>Blogger</generator><openSearch:totalResults>2</openSearch:totalResults><openSearch:startIndex>1</openSearch:startIndex><openSearch:itemsPerPage>100</openSearch:itemsPerPage><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-10064574.post-5436056924219587363</id><published>2008-05-12T05:04:00.000-07:00</published><updated>2008-05-13T03:40:20.204-07:00</updated><title type='text'>GOOIJER DE, JAN WILLEMSZ :  * BLARICUM 1685   + BLARICUM 1736</title><content type='html'>&lt;div style="MARGIN: 0px auto 10px; TEXT-ALIGN: center"&gt;&lt;a href="http://1.bp.blogspot.com/_9oHntWvM6Aw/SCgyddcB23I/AAAAAAAAAYs/Qj6MPyz0HcM/s1600-h/2+Blaricum+vanaf+de+Tafelberg++18e+eeuw+-+1685.jpg"&gt;&lt;img id="BLOGGER_PHOTO_ID_" alt="" src="http://1.bp.blogspot.com/_9oHntWvM6Aw/SCgyddcB23I/AAAAAAAAAYs/Qj6MPyz0HcM/s400/2+Blaricum+vanaf+de+Tafelberg++18e+eeuw+-+1685.jpg" border="0" /&gt;&lt;/a&gt; &lt;/div&gt;&lt;div style="CLEAR: both; TEXT-ALIGN: center"&gt;&lt;a href="http://picasa.google.com/blogger/" target="ext"&gt;&lt;img style="BORDER-RIGHT: 0px; PADDING-RIGHT: 0px; BORDER-TOP: 0px; PADDING-LEFT: 0px; BACKGROUND: 0% 50%; PADDING-BOTTOM: 0px; BORDER-LEFT: 0px; PADDING-TOP: 0px; BORDER-BOTTOM: 0px; -moz-background-clip: initial; -moz-background-origin: initial; -moz-background-inline-policy: initial" alt="Posted by Picasa" src="http://photos1.blogger.com/pbp.gif" align="middle" border="0" /&gt;&lt;/a&gt; Blaricum vanaf de Tafelberg in de 18e eeuw - J. Cats &lt;/div&gt;&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/10064574-5436056924219587363?l=goy1685-jan.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/feeds/5436056924219587363/comments/default' title='Post Comments'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=10064574&amp;postID=5436056924219587363' title='0 Comments'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/10064574/posts/default/5436056924219587363'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/10064574/posts/default/5436056924219587363'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/2008/05/blog-post.html' title='GOOIJER DE, JAN WILLEMSZ :  * BLARICUM 1685   + BLARICUM 1736'/><author><name>gooilander</name><uri>http://www.blogger.com/profile/03693045962620150349</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='32' height='24' src='http://2.bp.blogspot.com/-kSUtzIsHTeQ/Tu8_EpUSrvI/AAAAAAAAFRo/0CqaJO0zOIQ/s220/Frans%2Bde%2BGooijer%2Bfoto%2B2.JPG'/></author><media:thumbnail xmlns:media='http://search.yahoo.com/mrss/' url='http://1.bp.blogspot.com/_9oHntWvM6Aw/SCgyddcB23I/AAAAAAAAAYs/Qj6MPyz0HcM/s72-c/2+Blaricum+vanaf+de+Tafelberg++18e+eeuw+-+1685.jpg' height='72' width='72'/><thr:total>0</thr:total></entry><entry><id>tag:blogger.com,1999:blog-10064574.post-110536231840392007</id><published>2005-01-10T05:03:00.000-08:00</published><updated>2010-05-20T05:52:03.160-07:00</updated><category scheme='http://www.blogger.com/atom/ns#' term='Gooise geschiedenis en genealogie De Gooijer'/><title type='text'>JAN  Wzn DE GOOIJER  1685 - 1736</title><content type='html'>&lt;strong&gt;DE JEUGDJAREN VAN JAN WILLEMSZ DE GOOIJER.&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;Twee zonen, van Willem Eldersen (Goijer) en Cornelia Cornelis, komen veelvuldig voor in de Blaricumse Oudrechtelijke archieven. Hun namen zijn Gijsbert Willemsz (de) Goijer en Jan Willemsz (de) Gooijer. Gijsbert, geboren op 7 januari 1696, is de jongste van de twee. Zijn verwantschap met Jan blijkt uit verschillende gevonden overeenkomsten. Jan Willemsz, onze voorvader is, afgaande op zijn eigen schriftelijke getuigenverklaring, geboren in Blaricum omstreeks 1684/85. Volgens het R.K. doopboek moet zijn geboortedatum liggen tussen die van zijn broer Ellert (ged. 7 juli 1683) en zijn tweelingzussen Merritje en Joanna (ged. 16 juni 1685). Vreemd genoeg ontbreekt in het doopboek de naam Joannes in die periode. Aannemelijk is, dat de pastoor Joannes als 'Joanna' heeft ingeschreven.&lt;br /&gt;Nakomelingen van Joannes blijken later regelmatig tweelingen voort te brengen. Over de jeugdjaren van Jan is in de archieven natuurlijk niets te vinden. Wel is het een en ander bekend onder welke omstandigheden hij opgroeide. Als 11 jarige jongen maakte hij de grote brand in Blaricum mee. Deze brand vond plaats op 26 maart 1696 en verwoestte de Hervormde kerk, de school en vier en dertig woningen. Waarschijnlijk bleef zijn ouderlijk huis gespaard, want op de lijst van slachtoffers komt zijn vader niet voor. Wel was dit voor Blaricum een enorme ramp, omdat het dorp slechts totaal 108 woningen telde. Bovendien moest de overwegend katholieke bevolking de Hervormde kerk herbouwen, terwijl zij zich zelf moesten behelpen met een schuilkerk. Ongestoord diensten houden werd hun vaak niet vergunt in deze boerderijkerk.&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;JAN WILLEMSZ DE ERFGOOIJER.&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;In de periode dat Jan volwassen wordt, komt het erfgooiersinstituut &lt;em&gt;'Stad en Lande van&lt;/em&gt; &lt;em&gt;Gooiland'&lt;/em&gt; in conflict met Francois Hinlopen. Deze Hinlopen, eigenaar van de Hofstede Oud Bussum, bestrijdt de eeuwenoude rechten van de erfgooiers. Het wordt een langdurig proces, waarmee zich ook de&lt;em&gt; 'overheid'&lt;/em&gt; bemoeid. Deze gewestelijke overheid, de Staten van Holland, staan ook wantrouwend tegenover Stad en Lande. Het bestuur van de stad Naarden en de Gooise dorpen worden gedwongen bewijzen voor het erfrecht te leveren. Naast de overlegging van middeleeuwse privileges (onder andere oude schaarbrieven) moet het Gooise bestuur ook nieuwe stappen ondernemen. Allereerst wordt een lijst met rechthebbenden (op het vruchtgebruik van het Gooi) gemaakt, die 1068 namen bevat. Bij deze gelegenheid ontstaat het begrip erfgooier, de eerste vastgelegde erfgooierslijst komt gereed in 1708. Daarnaast wordt een landmeter ingehuurd die het gehele Gooi, maar vooral de erfgooiersgronden, in kaart brengt. Deze kaart is gereed in 1709. Jan Willemsz de Gooijer komt mogelijk voor op de Blaricumse erfgooierslijst van 1708, mogelijk is hij de 'Jan Willemsz' die voorkomt onder nummer 43 van deze lijst. Om twee redenen is het echter de vraag of het onze &lt;em&gt;'Jan Willemsz'&lt;/em&gt; betreft: Ten eerste leefden er toen ook 2 'Jan Willemsz Verver's', namelijk 'de oude' en 'de jonge'. &lt;span style="font-size:85%;"&gt;(4)&lt;/span&gt; Ten tweede, Jan Willemsz was ca. 23 jaar en in die tijd was men pas met 24 jaar volwassen. Mogelijk werden alleen gehuwde mannen, zoals Jan's vader, of erfgenamen op de lijst geplaatst. Onbetwistbaar zijn, gedurende Jan's verdere leven, de talloze malen (meer dan 50 keer) dat met zekerheid onze Jan Willemsz de Gooijer in de boeken wordt genoemd. Deze boeken betreffen zowel de DTB's, oudrechtelijke kohieren en gaderboeken (zoals koptiendenboeken over verschillende jaren). Ook in de verpondingskohieren ( soort onroerend goed belasting) komt hij voor. Via deze schriftelijke levenstekens is de levensgeschiedenis van Jan Willemsz vastgelegd. Van de wieg tot zijn graf is hij te volgen en liet hij sporen na, die door allerlei klerken zijn opgetekend.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;JAN WILLEMSZ STICHT EEN GEZIN&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;Bij zijn huwelijk wordt Jan op twee plaatsen in ingeschreven. Allereerst in het Blaricumse Impost Trouwregister. Daar staat op 11 april 1717: Jan Willemsz Goijer met Hendrikje Pieters ... pro deo. Was er een verband tussen die huwelijksdatum en het overlijden van zijn vader op 23 maart 1717? Nam hij als gehuwde de boerderij over? Het trouwboek van de Blaricumse R.K. Kerk vermeldt:&lt;em&gt; "Jan de Goijer en Hendrikje Pieters".&lt;/em&gt; Trouwge tuigen zijn, Antonia Bovenwater en Catharina Riethuijsen. (zeker zeker geen familie, maar mogelijk&lt;em&gt; 'klopjes'&lt;/em&gt;&lt;span style="font-size:85%;"&gt; (1)&lt;/span&gt; , omdat ze ook bij andere echtparen trouwgetuigen zijn.) Als trouwdag is de zondag gekozen en traditioneel na het Hoogfeest van Pasen van 28 maart 1717. &lt;span style="font-size:85%;"&gt;(2)&lt;/span&gt; De echtgenote van Jan is Hendrikje Pieters Decker, geboren te Blaricum 22 augustus 1685 dochter van Pieter Cornelis Decker en Mary Jans. (Jan's schoonvader leed schade bij de grote brand in 1696) Jan maakt direct gebruik van zijn schaarrecht op de Meent. Hoeveel vee hij bezit is niet na te gaan, wel zijn aankoop van vee. Hij koopt op zaterdag 26 maart 1718 een pink voor f 16. en een maand later op dinsdag 19 april twee pinkveerzen voor f 53.10.-. De schaardag valt dat jaar op donderdag 12 mei. Jan en Hendrikje bezitten ook een boerderij, die afkomstig is van de in 1700 overleden Pieter Cornelisz Decker. Waarschijnlijk heeft Hendrikje die geërfd, hoewel haar moeder pas in 1728 overlijdt. Verder heeft het echtpaar in 1720 tenminste 2 schepel bouwland, dat in 1720 als onderpand voor een lening dient. Dit bouwland, genaamd &lt;em&gt;'de Vrijhoeven'&lt;/em&gt;, lag niet in de Eng want het was niet belast met koptienden. &lt;span style="font-size:85%;"&gt;(3)&lt;/span&gt; Bij gebrek aan voldoende hooiland, pacht Jan in 1718 't Westeijnde van de Meentdijk voor f 31.17.04. (De pacht komt overeen met een vergelijkbaar hooiland van ca. 3 ha, of Jan meer pachtte is niet na te gaan)&lt;br /&gt;Het zijn beroerde jaren, niet alleen voor Jan, maar ook voor de overige Blaricumse scharende erfgooiers. De bekende Huizer Schepen Lambert Rijksz Lustigh heeft ook de lotgevallen van de toenmalige Blaricumse bevolking beschreven. Zo heeft hij de runderpest in Blaricum gedurende de jaren 1713/22 vastgelegd, waarbij alleen in dit dorp 69 'koebeesten' omkwamen. Hij noemt met naam en toenaam de het aantal stuks vee dat ze verloren. Ook schrijft Lustigh over de slechte kwaliteit van het hooi in die jaren, hij heeft het over: &lt;em&gt;"stinkende dampen en roodachtig gebrowid hooi".&lt;/em&gt;&lt;br /&gt;Het echtpaar Jan en Hendrikje krijgt hun eerste kind. Op vrijdag 14 oktober, wordt in het R.K. doopboek te Blaricum ingeschreven: &lt;em&gt;"Guilielmus, zoon van Jan Willemsz en Hendrikje Pieters".&lt;/em&gt; Doopgetuige is Hendrikje Claes. Lang heeft deze Guilielmus (roepnaam Willem) niet geleefd. De 28 juli 1719 staat in de Impost op begraven:&lt;em&gt; "Een kind van Jan Willemsz ....... pro deo".&lt;/em&gt; Een aantal jaren later wordt het naamgenootje geboren, dat onze voorvader zal zijn en vernoemd is naar Jan's vader&lt;em&gt; 'Willem'.&lt;/em&gt; Hun tweede kind wordt gedoopt 13 november 1719. Hij wordt vernoemd naar de Hendrikje's vader 'Pieter', zoals de traditie het voorschreef. &lt;span style="font-size:85%;"&gt;(4)&lt;/span&gt; Dit keer was Geertje Jans doopgetuige.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;DE BEENAMPUTATIE VAN DE SCHOUT&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;Het schoutsambt in Blaricum werd generatieslang uitgeoefend door de familie Duurkant (Duerkant). Vanaf 1696 tot 1721 was dat Aaron Duurkant. Tijdens de 'Regtsdagen' hield hij zitting samen met twee schepenen. In de schepenboeken staan de verslagen van de rechtzittingen ingeschreven. In 1719 was er grote consternatie in het dorp. De tijdgenoot Lambert Rijksz Lustigh beschreef in zijn kroniek wat er plaatsvond.&lt;br /&gt;&lt;em&gt;"Anno 1719 den 27e april op donderdagh namiddagh ontrent ten een uer doen wert Aaron Duerkant, schout tot Blaricum, door den heer medicus van Borsselen sijn regter been ontrent drie vingerbreet beneden sijn knie afgeset.&lt;br /&gt;Deze voornoemde Schout hadde ontrent een Jaar te voeren onder het holle van sijn voet een sweer geswel gekregen, daar over meesters gingen van ons dorp Huijsen: Lucas de Swart met sijn zoon Klaas de Swart, die niet en vorderden, maar eijndelijk bevonden dat het voorz. sweer geswel, dat ontrent soo groot als een perchschuts was, de kancker was, waarom hij resolveerde omhet zelve te laten uijtsnijden, 't welck bij een meester van Amsterdam gedaan wiert, dogh dat geluckte niet wel.&lt;br /&gt;Hierom de voorz. meesters van Huijsen wederom aen 't meesteren gingen ende den tijt van 21 weeken gemeestert hebbende, bevonden wederom dat het niet en beterde, maar van dage tot dage met groote pijn arger wordende, ende de wonde swaarlijck beginnende te stincken, soo wierde den voorz. schout sijne huysvrouw ende kinderen en hare vrienden, en ook de voorz. meesters met hem seer verlegen, waarom sij alle, ende met meester doctoer Clement van Hilversum te rade wierden om de voorz. Mr. van Borselen van Amsterdam, hebbende in Huwelijk een dogter van Mr. Pieter, aldaar te ontbieden de welcke ook op den voorz. 27 april quam en met sigh sigh brengende eenen Mr. Thomas Kraan, een out man van tseventig jaren, hebbende voortijts meester tot Hilversum geweest.&lt;br /&gt;Ende ten dage voorz., soo quamen noch veel meer meesters daarbij soo van Naarden, als van onze Goysche dorpen om nu de zaken van 't afsetten te sien. ende nadat Mr. van Borsselen met Mr. Thomas en met Mr. Clement 't samenraat gehouden hadden wegens het gevaar waar in den voornoemden pacient was, soo vonden sij goet, om met wille en begeerte van voorz. pacient sijn vrouw, kinderen en nabestaande vrienden ende met de aanroepinge van Gods naam sijn been af te setten. Hier op soo knielde men voor den Hoogen Godt en quam Gerard Ploos, predikant van Blaricum, eens kragtige voorbiddinge te doen ende terwijl de snaren bij de voornoemden Mr. van Borsselen wierden gespannen en wel onderbonden, soo quam den roomschen papa van Blaricum genaamt den Ruijter veele troostelijke woorden aen den schout toe te spreken.&lt;br /&gt;Ende na dat alles wat tot het afsetten dient bij van Borsselen gereet was, soo nam de voorz. van Borsselen een krom mes, ende sneed daar mede ontrent drie vingeren breet beneden sijn knie het vel en vleesch rontom sijn been af. En doen nam hij een fijn stalen zaagje en zaagje (lees zaagde) met korte sneejets voorsigtigh het been af. Ende terwijl dit geschiede, soo bloede de wond weijnigh en den voorz. pacient kermde terwijl dit geschiede wel wat, gelijk men dencken kan, maar hij houde hem geheel hertigh. Ende soude het in 't zagen noch minder zeer gedaan hebben, indien de pezen met het mes wat beter afgesneden waren geweest. Voorts verbonde de voorz. medicus sijn knie zubiet, en wel goet. Ja voort wiert den pacient sijn afgesette been in een kleijn kisje gedaan en den koster van Blaricum Mr. Cornelis Adriaens, die bragt hetselve been in 't kisje in de kerck in den Schouten-graft.&lt;br /&gt;Den voorz. schout A.G. Duijrkant was juist 42 Jaren out doen sijn been afgeset wierde. Voorts loefde en danckte men Godt voor de geluckige cencure. De eerste nagt hadde hij wat pijn, kon niet wel slapen. Op den derden dagh begon de wonde te stincken, een goed teken. Voorts gaat het van tijt tot tijt seer wel met hem ende is jegenwoordigh den 25 Julij 1719 genoegsaam genesen, sal haast op een houten been gaan.&lt;br /&gt;In de marge:&lt;br /&gt;Anno 1719 op Sondagh voormiddagh den 27 augustus doen gingh Aaron Gerrits Duijrkant op een houten been in de Blaricummer kerck te kercken ende onse domene Sprenger juijst daar na predikende, die quam voor de schout een hartelijke dancksegginge te doen, want het was den voorz. schout sijn eerste maal na het afsetten van sijn been".&lt;br /&gt;&lt;/em&gt;&lt;br /&gt;Aaron Duurkant overleefde de amputatie uitgevoerd door de &lt;a href="http://geneaknowhow.net/in/beroepen/luyken/chirurgijn.JPG"&gt;chirurgijn&lt;/a&gt; niet lang. De allerlaatste akte die hij tekende was gedateerd 13 januari 1721. Uit de impost op begraven blijkt, dat hij omstreeks 27 januari 1721 is overleden.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;JAN WILLEMSZ IN DE PROBLEMEN&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;In 1719 blijkt dat Jan te veel hooi op z'n vork genomen heeft bij het opzetten van zijn boerenbedrijfje. Hij moet zich, volgens het &lt;em&gt;'Regtboek'&lt;/em&gt;, op maandag 1 mei verantwoorden, omdat hij de pink en twee pinkveerzen niet volledig heeft afbetaald. Maandag 12 juni moet hij weer op de 'Regtdag' verschijnen. Nu gaat het om een achterstallige pachtbetaling &lt;em&gt;"Wegens pagt&lt;/em&gt; &lt;em&gt;Westeijnde Meentdijk".&lt;/em&gt; Ondanks de financiële problemen stelt &lt;em&gt;"Jan Willemsz Goijer"&lt;/em&gt; zich dat jaar als borg. Hij doet dit voor Jan Gerritsz van Oosten, wanneer die 'de elfde schoof van het vierde blok van de Bouwvenen' pacht. 5] De geldproblemen groeien Jan Willemsz blijkbaar boven het hoofd. Op 9 december 1720 sluit Jan een lening af van f 200.-. Als onderpand stelt hij "seecker Huijs en erve staande en gelegen binnen desen Dorpe naast Willem Jacobsz Boer ten suyden. Item drie spint boulant, gelegen als voren, belent het huijs van Jan Fransz. Laastelijk 1 1/2 schepel lant, gelegen in de Vrijhoeven naast Lambert Harmensz". De hoeveelheid bouwland is gering, als aanvulling pacht Jan Willemsz in 1721 &lt;em&gt;"de elfde schoof van het 4e blok van de&lt;/em&gt; &lt;em&gt;Bouwvenen"&lt;/em&gt; voor f 18.10.-." Dat wil zeggen, hij pacht het recht om iedere elfde schoof koren van het bouwland van het 4e blok te halen.&lt;br /&gt;Net als de meeste erfgooiers uit Blaricum pacht Jan hooiland in Eemnes. Het hooiland is daar vruchtbaar, omdat de Zuiderzee daar iedere winter een laagje klei afzet. De pachtprijzen zijn dan ook hoog, voor 7 1/2 'dammaaten' (ca. 4 1/4 ha) moet Jan als pacht in 1721 betalen f 81.17.08. Bovendien pacht hij dat jaar nog de Veendjk voor f 44.12.08. Enkele jaren later heeft hij de totale pacht nog niet betaald. In 1722 "pagt Jan Willemsz de Goier" weer hooiland. Nu blijkbaar in Blaricum, namelijk : "Het Oosteijnde van de Meentdijk" voor f 42.10.-, "De gemene Maat aan de Westsijde" voor f 16.14.12 en "Aan de Oostsijde van de Duijker" voor f 17.10.10. Gezinsuitbreiding vindt ook plaats in 1721, op 5 november wordt in het R.K. doopboek bijgeschreven: Guilielmus, zoon van Jan de Goijer en Hendrikje Pieters. Als doopgetuige treedt op schoonzuster Gijsbertje Rijken, die met Gijsbert de Goijer (Jan's broer) is getrouwd. Deze Guilielmus is onze directe voorvader, zijn roepnaam is Willem.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;JAN WILLEMSZ ALS GEDAAGDE&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;Wederom moet Jan Willemsz in 1722 enkele keren als gedaagde verschijnen op de Regtdagen van 28 september, 12 oktober en 2 november. Ook ditmaal gaat het om achterstallige schuld, nu aan Gerbrand Hogenbirk. Deze Hogenbirk is blijkbaar wagenmaker. Hij heeft aan Jan Willemsz geleverd 4 nieuwe &lt;em&gt;'raaden' &lt;/em&gt;en zal er nog twee leveren. Ook heeft Hogenbirk een paard geruild tegen tien vimmen riet van Jan Willemsz. Het riet was afkomstig van &lt;em&gt;"het rietveld agter Gerrit Visser". &lt;/em&gt;Jan had dit van 1727 tot 1731 gehuurd voor f 4. per jaar van Gerrit Borssen Boor, "Coyman tot Emenes". Volgens deze akten bezit Jan reeds in de jaren 1717/ 1718 over een paard en een wagen. Naast het bedrijven van veeteeld en landbouw, maait Jan dus ook grote hoeveelheden riet. (Een vim is 104 tot 120 schoven riet)&lt;br /&gt;Jan gaat in 1722 ook naar 't boelhuys van Jan Stam in Eemnes binnendijk en koopt daar een pink voor f 16.05., maar betaalt niet direct.&lt;br /&gt;De kindersterfte in die tijd is groot. Jan en Hendrikje verliezen 9 juni 1723 weer een kind. Jan moet aan Impost voor het begraven van het kind f 3.- betalen. Zowel aan de impostaanslag als aan andere uitgaven is te merken dat het Jan wat beter gaat. Hij koopt 15 maart 1723 van Claas Jochemsz een stuk land van 1 1/2 schepel, gelegen aan het Naarderhoogt voor f 14.05.. De belendende eigenaren zijn de weduwe van Hendrik Puyk ten oosten en burgemeester Nagtglas van Naarden ten westen. Door deze aankoop komt Jan Willemsz persoonlijk voor het eerst voor in het koptiendenkohier nr. 269 van 1723, met de vermelding op folio 168: "1724 Jan Willemnsz Gooijer van Klaas Jochemsz fol. 55 te stellen op 2 1/2 Cop". (deze 2 1/2 Cop was de hoeveelheid koren waarvoor hij werd aangeslagen en die wederom in de zakken van o.a. de rijke regentenfamilie Hooft vloeiden) Het overige bouwland door Jan gebruikt en voor een deel als onderpand voor een lening gesteld, stond nog in het Koptiendenkohier op naam van de weduwe van Pieter Cornelis (Decker). Het was op dat tijdstip mogelijk geerfd door Jan's vrouw Hendrikje.&lt;br /&gt;Op 2 september 1724 wordt Maria, dochter van Jan de Goijer en Hendrikje Pieters ingeschreven in het R.K. doopboek. Doopgetuige is dit keer Geertje Jans. Deze eerste dochter is vernoemd naar Mary Jans, de moeder van Hendrikje. Geertje Jans is mogelijk een tante van Hendrikje.&lt;br /&gt;Enkele maanden eerder op 12 juni 1724 moet Jan weer als gedaagde op de Regtdag verschijnen. Vermeld staat: Willem Verweij in qual. als Schout en gaardermeester over Emenes, Eijss. Contra Jan Willemsz de Goier woonende tot Blaricum ged. Wegens achterstallige pacht:&lt;br /&gt;&lt;em&gt;2 1/2 damm. in Geun en Metjes Maath van Juffr. Duurkant: voor het jaar 1721 f 48. 2. 8 5 damm. in Jaap Beersens erff van Maritje Reus: voor het jaar 1721 f 33.15. 0 De Veendijk: voor het jaar 1721 f 44.12. 8 Het Oosteinde van de Meentdijk: voor het jaar 1722 f 42.10. 0 De gemene Maat aan de Westsijde: voor het jaar 1722 f 16.14.12 Aan de Oostsijde van de Duijker: voor het jaar 1722 f 17.10.10 -----------&lt;br /&gt;Sulks te saame een somma van: f 203. 5. 6 &lt;/em&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Opvallend zijn de hoge pachtprijzen van het hooiland in Eemnes vergeleken met de lage waarde van het zanderige bouwland in de Blaricummer Eng. Jan heeft deze forse schuld toch weten in te lossen, want geen enkel onderpand, zoals zijn woning of bouwland wordt geveild. Toch verschijnt hij op 3 december weer op de regtdag te Laren. Nu is het Jacob Jansz Swart contra Jan &lt;em&gt;Willemsz de Goijer, wegens elf guld's, vier stf., 4 penn. volgens ...... afgeleverde winkelwaren, vercogt en geleverd in 1723.&lt;br /&gt;&lt;/em&gt;Het is overigens niet ongewoon in deze periode dat Jan Willemsz het ene gat met het andere moet vullen. Hij is de enige niet en zelfs de rijke regenten betalen nooit op tijd. Achterstalligheid bij de uitbetaling van soldij aan soldaten en matrozen kwam ook veel voor. De rechtboeken van Laren en Blaricum zijn gevuld met vorderingen op de plaatselijke bevolking. Voor de&lt;br /&gt;Schout betekende deze&lt;em&gt; 'Regtdagen'&lt;/em&gt; een aardige bijverdienste. De kosten bij het opmaken van een eenvoudige akte waren behoorlijk hoog en zodoende behoorde de Blaricumse Schout tot de plaatselijke grootgrondbezitters.&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;JAN WILLEMSZ EN DE ELFDE SCHOOF&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;In de vijftiende eeuw werd ten oosten van Blaricum de Gooiersgracht gegraven, die de grens aangaf tussen het Gooi en Sticht. De afbakening diende om verdere uitbreiding van het Sticht via de ontginning vanuit Eemnes te stoppen. Het afgesneden deel van de ontginning lag nu in Blaricum en werd de Bouwvenen genoemd. De belasting op dit bouwland bleef dezelfde als in Eemnes gebruikelijk was, namelijk de zogenaamde &lt;em&gt;'Elfde schoof'&lt;/em&gt;. In de rest van de Gooise Engen bestond de heffing uit de 'Koptienden', een aanmerkelijk lagere last. De manier waarop de inning van de Elfde schoof plaats vond, gebeurde als volgt: Sinds de zestiende eeuw was de Elfde schoof heffing, dus niet het bouwland, in handen gekomen van regentenfamilies. Jaarlijks, eind juli, werd door hen deze belasting verpacht. De Bouwvenen werden in vier of vijf delen gesplitst en de opbrengst aan de hoogste bieder verpacht. De geldbedragen gingen meer dan een eeuw lang naar de rijke regentenfamilie Hooft. De pachters waren meestal Blaricumse landbouwers, die mogelijk zo de belasting van hun eigen bouwland afkochten. Deze landbouwers hadden zelf hun land ingezaaid en bij de oogst het koren gemaaid en tot schoven gebonden. Daarna moesten de schoven op het land blijven staan, totdat de belastingpachter iedere elfde schoof weghaalde. Het tot schoven binden van het koren was handwerk, dus geen enkele schoof was gelijk. Mogelijk ontstonden er ruzies als alleen dikke schoven werden uitgezocht. In de pachtakten werden aparte gedeelten van de Bouwvenen &lt;em&gt;'blocken' &lt;/em&gt;genoemd, die soms aangeduid werden als 1e , 2e , 3e en 4e block. Als begrenzing werd meestal verwezen naar de landhuizen die tot eind 17e in de Bouwvenen stonden. Bijvoorbeeld: Het 1e block van Capittenbos tot de Molenvonger, (6) Van de Molenvonger tot Staghouwerveld, Van Staghouwervonger tot Ruysendael en Van Ruysendael tot de gemeente.&lt;br /&gt;Jan Willemsz pacht regelmatig de Elfde schoof. In 1721 van het 4e block dat wordt aangeduid met &lt;em&gt;"Van daer tot Ruysdael".&lt;/em&gt; Jan bezit 1 1/2 schepel in de&lt;em&gt; 'Vrijhoeven'&lt;/em&gt;, dat niet belast is met koptienden en dus zeker tot de Bouwvenen behoort. Mogelijk was dit perceel gelegen in de Bouwvenen, aldaar lag wel het perceel &lt;em&gt;'Soetelaaer'&lt;/em&gt; dat Jan in bezit had. Dit 'Soetelaer' lag dichtbij&lt;em&gt; 'Het Slot Ruysdael'&lt;/em&gt;. Opmerkelijk is het feit dat Jan Willemsz niet als enige 'de Gooijer' de 'Elfde schoof' in en om Ruysdael pacht. ( Zijn zoon Willem, kleinzoon Jan en achterkleinzoon Willem pachtten deze elfde schoof tot 1840)&lt;br /&gt;18 Juli 1726 staat Jan Willemsz weer als pachter van de elfde schoof op de Bouwvenen vermeld: Het 3e Block is ingeset op f 44.--. Verhoogt met f 3.14. Gecogt bij Jan Will. Goijer voor f 47.14.-borgen: Jacob Harmensz, Jacob Loegen. Jacob Loegen pacht in 1726 het 4e Block en nu is Jan Willemsz Goijer op zijn beurt borg. &lt;strong&gt;*&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;Onder deze blocken van de Bouwvenen behoorden, zoals eerder vermeld, het voormalige Stachouwerhuis en het Slot Ruysdael. Deze namen werden steeds in de verpachtingakten genoemd, zoals in 1727:&lt;br /&gt;Het block "Vandaer tot Ruysendaal"&lt;br /&gt;Gecogt bij Jacob Loegen f 16.15.--&lt;br /&gt;borgen: Willem Jacobs Boer, Jan Willemsz Goijer.&lt;br /&gt;Het laatste block&lt;br /&gt;Gecogt bij Jan Willemsz Goijer f 16.05.--&lt;br /&gt;borgen: Willem Jacobsz Boer (Jan's buurman) en&lt;br /&gt;Jacob Loegen.&lt;br /&gt;Ook in 1728 pacht Jan Willemsz de elfde schoof en wel op 25 juli. Het block is nu:&lt;br /&gt;Van de molenvonger tot Staghouwervonger bij&lt;br /&gt;Jan Willemsz Goijer f 48.10.--&lt;br /&gt;Ook verschijnt Jan weer op de Regtdag in Laren op 12 januari 1728. Dit keer is Jacob Jannhoort eiser.&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;HENDRIKJE ALS ERFGENAME&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;Het gezin breidt uit met dochter Cornelia, die gedoopt wordt op 18 maart 1728. Gijsbertje Rijken is weer doopgetuige. Enkele maanden eerder, op 24 januari 1728 wordt het overlijden van Hendrikjes moeder, Marritje Jans, ingeschreven. Haar nabestaande moet f 3.- aan 'Impost op begraven' betalen. Hendrikje is de enige erfgename, zoals blijkt uit de boeken van de Koptienden en Verpondingen.&lt;br /&gt;Op fol. 50 van het koptiendengaarderkohier nr. 269. 173 staat:&lt;br /&gt;"Piter Kornelisz Decker"(was reeds overleden in 1700) f -. 6.-&lt;br /&gt;"Deze post te stellen bij Jan Willemsz Gooijer, bij Erfenis 1729".&lt;br /&gt;Op fol. 51 van hetzelfde boek staat:&lt;br /&gt;"Jan Willemsz Gooijer 2 1/4 kop " f -. 1.12&lt;br /&gt;"1729 Hierbij de post van Piter Cornelis fol. 50.&lt;br /&gt;1 spt. bij Erfenis".&lt;br /&gt;Het Blaricumse huizenkohier uit 1732 vermeldt achter nr. 73 als eigenaresse: Pieter Cornelis, wed. (ofschoon zij dan reeds vier jaar overleden is)&lt;br /&gt;Ten slotte staat een aantekening in het verpondingkohier (anno 1734) nr. 319. Op fol. 86 is de naam van de weduwe doorgestreept. Nu staat "Jan de Gooijer" als eigenaar van "Haar Huys" en haar stukken bouwland te boek. Voor het huis moet per jaar een aanslag van 17 stuivers betaald worden.&lt;br /&gt;Door de erfenis lijkt het of Jan uit de geldproblemen is. Hij koopt 29 september 1728 voor f 28.10.-: " 1 1/2 schepel bouland gelegen in Coppertjes Camp , soverre als de ploeg gaat".&lt;br /&gt;Jan Willemsz bezat reeds 2 1/2 schepel naast het aangekochte stuk. Tezamen vormt het dan, zoals beschreven : "2/3 van Cob Ebbetjes Camp, groot 4 schepel".&lt;br /&gt;Toch kan Jan het kopen op afbetaling moeilijk laten. 1 November 1729 "Coopt Jan Willemsz de Gooijer, gewas op 't veld op boelhuys tot Huizen". Op de Reghtdag van 12 december 1729 wordt de betaling van f 16.- geeist. Ook de koe die hij kocht is niet geheel betaald, in 1734 moet hij nog een resterend bedrag van f 9.-.4 betalen. Tevens nog de aankoop van twee koeien in 1730.&lt;br /&gt;Dat jaar kocht Jan op 4 mei een koe voor f 36.- en op 4 oktober een "swart grijse koe" voor f 35.-.&lt;br /&gt;De uitbreiding van Jan's veestapel is nog verder te volgen in de oud-rechtelijke boeken. 30 April koopt Jan weer twee koeien voor f 58.15.-. (De betaling wordt geëist op Reghtdag 2 februari 1733.)&lt;br /&gt;De schulden van Jan Willemsz moeten betaald worden, dus neemt hij weer een lening op 29 juni 1733. De akte uit de boeken van Transporten en Hypotheken luidt:&lt;br /&gt;"Jan Willemsz de Goyer ...... en deugdelijk Schuldigh te wesen aan Willem Verbatten wonende tot Hilversum, een somma van f 150.- ...... daar voor verbinde speciaal secker huys, hofstede en erve staande en gelegen binnen Blaricum, 3 spint bij de Molenaar, 2/3 van Cop Ebbetjes Camp, 4 1/2 spint aan 't Naarderhoogt, 1 1/2 Schepel in de Vrij hoven, 5 spint genaamt Soetelaer, 1 Schepel aan strand, 1/3 van 9 spint boven de Bije stee".&lt;br /&gt;Het is duidelijk, dat Jan Willemsz zijn vroegere lening heeft afgelost. Ook vindt men hem kredietwaardig, anders zou het onmogelijk zijn om een lening af te sluiten. Opmerkelijk is dat geen vee als onderpand gebruikt wordt, misschien een logisch gevolg van de heersende veepest.&lt;br /&gt;Inmiddels is Jan Willemsz ook schaarmeester geworden, de exacte periode is onbekend.8] In een Schepenakte legt Jan op 50 jarige leeftijd op 16 april 1734 een getuigenis af. (Samen met andere getuigen, waaronder een oud-Buijrmeester, enkele schepenen en gewezen schaarmeesters) De verkorte inhoud luidt:&lt;br /&gt;"Jan Willemsz Goijer, oud omtrent 50 Jaeren, gewesen schaarmeester, erffgoijer geboren, en altoos gewoont hebbende en nog wonende binnen dese Dorpe. En verklaarde ter requisitie van den Buijrmeester van Blaricum en Huijsen ...... hoe waar en waaragtig is dat sij ieder van haar jeugt aff aen tot in de Jaere 1732 incluys gesien hebben, en dus ten vollen bekent te sijn, dat de Schaapherders of Huyrders van de Nenge van Blaricum en Huysen ..... altoos ider afsondelijk met hunne koppels schapen openbaer ..... dagelijks op de Gemeente van Goijland ..... sijn koome weijden, te weten allenig in de wintertijd circa van 10 November tot 27 Maart ..... "&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;HENDRIKJE ALS ARME WEDUWE&lt;/strong&gt;.&lt;br /&gt;Jan Willemsz de Gooijer overlijdt volgens het begraafboek van de R.K. kerk op 10 januari 1736. Hij wordt op 31 januari ingeschreven in het boek van de Impost op begraven als "Jan de Gooijer". De financiële toestand, die hij achterlaat is al duidelijk aan het PRO DEO van de impost.&lt;br /&gt;De achterblijvende weduwe Hendrikje Pieters Decker is gedwongen om al haar onroerend bezit te verkopen, zowel het huis als het bouwland. Maar ook in de rechtboeken komt de naam van Jan Willemsz nog na zijn dood voor. Op 6 februari 1736 blijkt de "bonte koe", gekocht op 29 oktober 1734 te Eemenes binnendijk, nog niet geheel betaald te zijn. De borgen van Jan moeten f 19.- betalen. Ook het "paart" door Jan in 1735 gekocht is niet afbetaald. Nog op de Reghtdagh van 7 januari 1737 wordt Jan's borg, Jan Roele Calis, aansprakelijk gesteld voor f 11. 5.--.&lt;br /&gt;Hieronder volgen de verkopen van het gehele bezit aan onroerend goed (die indruk krijgt men) van de weduwe Hendrikje Pieters Decker. De akten bevinden zich op fol. 74 t/m 77 in de boeken van Transporten en Hypotheken (nr. 3256) en zijn allen gedateerd 10 september 1736. De ingekorte inhoud van de akten luidt:&lt;br /&gt;fol. 74&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ...... publicq vercogt .... aan Jan Joosten de Graaf, een Huys en erve staande en gelegen binnen dese dorpe, belent Willem Jacobsz Boer ten Suyde en Tymen de bakker ten Noorde .... De Cooppenn. ter somma van f 240.- de helft contant betaald ... de wederhelft op 1 Mey van 't Jaar 1737.&lt;br /&gt;fol.75&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ....... publicq vercogt .... aan Gerrit van Westen, Drie spt. land gelegen binnen dese dorpe belent Jan Fransz Kleer... ter somma van f 53.-; Seven spint boulant gelegen aan de Naerderweg belent de Wede. Hendrik Jansz Puyk ... ter somma van f 6.-, die betaald moeten werden : de helft op kerstijd en de wederhelft op 1 Meij 1737.&lt;br /&gt;fol. 76&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz de Goijer ... publicq&lt;br /&gt;vercogt ...... aan Meeuwis Harmenz : Een stuk land groot 1 1/2 Schepel gelegen in de Vrije oven, belent Lambert Harmensz .... Cooppenn. ter somma van f 55..... betaalt .... de helft op kerstijd, de wederhelft op 1 Meij 1737.&lt;br /&gt;fol. 77&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ...... publicq vercogt ... aan Hendrik Lubbertsz Bakker: 4 Schepel land, waarvan een gedeelte beplant is, genaamt Cob Ebbes Camp, belent de wede. Lambert Harmensz ter wederzijde; Een Schepel land gelegen op 't Naarderhoog, belent de Coper (H.L. Bakker) ten Suyde; 1 Schepel land benoorden Claas Bakker ..... Cooppenn. te samen ter Somma van f 51. 5.-- betaalt ... de helft op kerstijd deses jaars en de wederhelft op den 1 Meij 1737.&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Decker was in die tijd als vrouw niet handelingsbekwaam. Om namens haar te handelen gaf zij (of kregen) enkele mannen een volmacht. In het "Register van Gerechtelijke Acten" (nr. 3268 fol. 34) staat op 5 november 1736:&lt;br /&gt;"Volmacht door Hendrikje Pieters gegeven aan Cornelis Adriaansz(Koster) en Teunis Joosten de Graaff."&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters Decker blijft achter met haar dochtertjes Cornelia van 8 jaar, Marritje van 12 jaar en haar zoon Willem van 15 jaar. (over eventuele andere kinderen is niets te vinden). Waar Hendrikje en de kinderen gewoond hebben na de verkoop van "Haar Huys en Erve" is een raadsel. Wel was er in 1733 sprake van een "Huys, HOFSTEDE en Erve". Niet duidelijk is, ook bij andere Blaricummers, wat bedoeld wordt met "Hofstede". Deze benaming komt zowel voor in akten als in verpondingkohieren.&lt;br /&gt;Hopelijk ging het om een volledige boerderij, waar zij met haar gezin is blijven wonen.&lt;br /&gt;Waarschijnlijk werd Hendrikje en haar gezinnetje opgevangen door familie. Er zijn aanwijzingen die lijken te wijzen op een familieband tussen het gezin "de Gooijer-Decker" en de Hilversumse familie "de Graaff". Mogelijk kocht de Hilversummer Jan Joosten de Graaff "Haar Huys en Erve" om Hendrikje te helpen. Ook de "volmagt" door Hendrikje verschaft aan Teunis Joosten de Graaff uit Hilversum is een aanwijzing.&lt;br /&gt;De broers Jan en Teunis Joosten de Graaff bezaten in Hilversum meerdere woningen. Bovendien gaven zij een grote som geld aan&lt;br /&gt;de R.K. kerk in Sandvoort te Baarn. Veel Rooms Katholieke Hilversummers lieten hun kinderen in Baarn dopen, omdat hun kerk was "overgenomen" door de Oud Katholieken.&lt;br /&gt;Hendrikje Pieters overlijdt op 68 jarige leeftijd. Zij wordt ingeschreven in het boek van de Impost op begraven op 15 oktober 1753. De nabestaanden behoeven geen impost te betalen.&lt;br /&gt;Een jaar na het overlijden van Hendrikje koopt haar zoon Willem haar huis terug van Aaltje Claasz Ruyter, de weduwe van Jan Joosten de Graaff. Het gaat duidelijk om hetzelfde huis, het verpondingkohier vermeldt dit en ook de buren zijn dezelfde gebleven. Echter, in plaats van de f 240.die het huis opbracht bij de verkoop, betaalt Willem nu slechts f 80.-. De vraag is nu: Kon het huis pas na de dood van Hendrikje worden teruggekocht ? Kwam door het overlijden van haar een einde aan een waarschijnlijk faillissement en waren er nog schuldeisers ?&lt;br /&gt;Interessant zou het zijn, als er een familieband tussen "de Gooijer-Decker" en "de Graaff" kan worden aangetoond. De 16e eeuwse familie "Van der Graft" heeft zich later gesplitst in de families "de Graaff", "de Gooijer", "Ruisdaal" en "Krijnen".&lt;br /&gt;Zou er begin 18e eeuw nog verwantschap zijn geweest tussen "de Graaff" en "de Gooijer" ? Waarschijnlijker is een verwantschap in de vrouwelijke lijn, misschien dezelfde grootmoeder?&lt;br /&gt;_____________________________________________________________&lt;br /&gt;Afbeeldingen:&lt;br /&gt;&lt;a href="http://www.gooismuseum.nl/kaart.htm"&gt;Gooilandkaart circa 1725-1740&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;_____________________________________________________________&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Klopjes waren vrome vrijgezelle vrouwen. Volgens de overlevering &lt;em&gt;'klopten' &lt;/em&gt;zij aan bij Rooms katholieken wanneer er (in het geheim) een priester in het dorp was. Dan werd er noodgedwongen in het geheim gedoopt, getrouwd of een Mis opgedragen. Op 17 juli 1704 namen de Staten, rusteloos door de Jansenisten (later oud-Katholieken genoemd) gedreven, het besluit dat niet Jansenistische priesters binnen hun staat de geestelijke bediening niet meer mochten uitoefenen. De Blaricumse pastoor Joannes Bernardus Plasman had echter in hun ogen een zwaarder straf verdiend. Het besluit omtrent hem luidde als volgt:&lt;br /&gt;&lt;em&gt;"Eindelijk zullen zij (dat waren de officieren en baljuws ter plaatse) ook aan Joannes Plasman, woonende te Blaricum en Aloysius Meijer, woonende te Swammerdam, aanzeggen, zat zij zich buijten haar respectievelijke districten hebben te begeven binnen de tijd van tweemaal vier en twintig uren, en buijten den lande van Holland en West Vriesland binnen de tijd van acht dagen na respectieve aanzegging of insinuatie, op poene van zij, na dien tijd daarin bevonden wordende, als pertubateurs van de gemeene ruste worden gestraft". &lt;/em&gt;&lt;br /&gt;&lt;em&gt;&lt;br /&gt;&lt;/em&gt;1) Traditioneel trouwden de R.K. erfgooiers na Pasen en voor de schaardag op 12 mei.&lt;br /&gt;2) Voor een verklaring zie: koptienden&lt;br /&gt;3) Volgens de traditie werd de eerste dochter vernoemd naar de moeder van de vrouw en de tweede dochter naar de moeder van de man. De eerste zoon kreeg de naam van de vader van de man en de tweede zoon die van de vader van de vrouw.&lt;br /&gt;In het Gooi hield men zich daar zo strikt aan, dat dit tot verwarrende naamgeving leidde. Indien beide vaders de naam Jan droegen, dan kregen twee zoons uit hetzelfde gezin de naam Jan. In Blaricum leefden begin 18e eeuw de broers Jan Willemsz Verwer de oude (geb.) en Jan Willemsz de jonge (geb. )&lt;br /&gt;4) Voor een verklaring zie: Jan Willemsz en de Elfde schoof.&lt;br /&gt;5) Vonger is mogelijk hetzelfde als vonder of vlonder, namelijk een plankbrug. In dit geval een bruggetje over de Gooiersgracht naar het pad dat aan de Stichtse kant van die gracht loopt.&lt;br /&gt;6) Gemeente betekend hier "De Meent", de gemeenschappelijke weidegronden van de erfgooiers.&lt;br /&gt;7) Ieder dorp benoemde 2 schaarmeesters om toezicht te houden op het reilen en zeilen van de erfgooiers en hun Meent.&lt;br /&gt;-----------------------------------------&lt;br /&gt;* Elfde Schoof 18-07-1726, origineel:&lt;br /&gt;&lt;a href="http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/2008/07/blog-post_1347.html"&gt;http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/2008/07/blog-post_1347.html&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;_______________________&lt;br /&gt;&lt;span style="font-size:130%;"&gt;&lt;strong&gt;Digitale akten Jan Willemsz de Gooijer betreffende:&lt;br /&gt;&lt;/strong&gt;&lt;/span&gt;&lt;a href="http://goy-1685-jan-y.blogspot.com/"&gt;&lt;span style="font-size:130%;"&gt;&lt;strong&gt;http://goy-1685-jan-y.blogspot.com/&lt;/strong&gt;&lt;/span&gt;&lt;/a&gt;&lt;strong&gt;&lt;span style="font-size:130%;"&gt; &lt;/span&gt;&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;&lt;strong&gt;&lt;span style="font-size:130%;"&gt;&lt;a href="http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/"&gt;http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/&lt;/a&gt;&lt;/span&gt;&lt;/strong&gt;&lt;br /&gt;goy1685-jan.blogspot&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;____________________________________________&lt;br /&gt;&lt;a href="http://gooijer.netfirms.com/"&gt;F.J.J. de Gooijer&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;a href="mailto:gooijerfjj@hotmail.com"&gt;gooijerfjj@hotmail.com&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;a href="http://gooijer.netfirms.com/"&gt;http://gooijer.netfirms.com/&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;a href="http://gooijer.nl.jouwpagina.nl/"&gt;http://gooijer.nl.jouwpagina.nl/&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;Voor afbeeldingen en foto's, zie:&lt;br /&gt;&lt;a href="http://gooiland.vijftigplusser.nl/"&gt;http://gooiland.vijftigplusser.nl/&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;GASTENBOEK&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;br /&gt;&lt;a target="_blank" href="http://www.istats.nl/t/?cid=53469"&gt;&lt;img border="0" alt="Gratis website teller" src="http://www.istats.nl/countimg.php?html=1&amp;amp;cid=53469" /&gt;&lt;/a&gt;&lt;br /&gt;&lt;a href="http://erfgooijers.write2me.nl/"&gt;http://erfgooijers.write2me.nl/&lt;/a&gt;&lt;div class="blogger-post-footer"&gt;&lt;img width='1' height='1' src='https://blogger.googleusercontent.com/tracker/10064574-110536231840392007?l=goy1685-jan.blogspot.com' alt='' /&gt;&lt;/div&gt;</content><link rel='replies' type='application/atom+xml' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/feeds/110536231840392007/comments/default' title='Post Comments'/><link rel='replies' type='text/html' href='http://www.blogger.com/comment.g?blogID=10064574&amp;postID=110536231840392007' title='3 Comments'/><link rel='edit' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/10064574/posts/default/110536231840392007'/><link rel='self' type='application/atom+xml' href='http://www.blogger.com/feeds/10064574/posts/default/110536231840392007'/><link rel='alternate' type='text/html' href='http://goy1685-jan.blogspot.com/2005/01/jan-wzn-de-gooijer-1685-1736.html' title='JAN  Wzn DE GOOIJER  1685 - 1736'/><author><name>gooilander</name><uri>http://www.blogger.com/profile/03693045962620150349</uri><email>noreply@blogger.com</email><gd:image rel='http://schemas.google.com/g/2005#thumbnail' width='32' height='24' src='http://2.bp.blogspot.com/-kSUtzIsHTeQ/Tu8_EpUSrvI/AAAAAAAAFRo/0CqaJO0zOIQ/s220/Frans%2Bde%2BGooijer%2Bfoto%2B2.JPG'/></author><thr:total>3</thr:total></entry></feed>
